Waarom we ons kind (nog) geen “jongen” of “meisje” noemen

Hoi! Als je dit leest, ben je iemand die een rol speelt in Toby-Lova’s leven en heb je van ons begrepen dat wij Toby-Lova genderautonoom opvoeden. Op deze pagina leggen we uit waarom we dat doen, en beantwoorden we veelgestelde vragen.

Wat is genderautonoom opvoeden?

Genderautonoom opvoeden betekent dat je je kind zo autonoom mogelijk laat ontdekken wat hun genderidentiteit is. Concreet betekent dit dat je het geslacht van je kind open laat, totdat het kind zelf kan vertellen of het een jongen, een meisje of iets anders is. Je begeleidt het kind daarin door aan de ene kant zo min mogelijk stereotype ideeën over jongens en meisjes mee te geven, en aan de andere kant uit te leggen dat deze stereotypes wel bestaan – en daar kritisch over te zijn.

Waarom hebben wij hiervoor gekozen?

Reden 1: Anatomie zegt niets over genderidentiteit

De meesten van ons hebben geleerd dat je aan de anatomie van een kind kunt zien of het een jongen of een meisje is. Toch klopt dat in veel gevallen niet. Een kind kan een piemeltje hebben en zich een meisje voelen, of een vulva hebben en zich een jongetje voelen. Een kind kan zich ook iets anders voelen dan jongen of meisje: iets dat het overstijgt, iets ertussenin, geen van beide, enz (dit heet non-binair).

We zeggen nu “voelen” (zich een jongen “voelen”, zich een meisje “voelen”, zich iets anders “voelen”), maar het is natuurlijk meer dan alleen maar een gevoel. Dat gevoel vertelt ons wat het geslacht van het kind ís. Want of je nou een piemel of een vulva hebt, als je je vrouw voelt bén je vrouw, als je je man voelt, bén je man, als je je iets anders voelt, bén je non-binair. Een ander woord voor het gevoel vrouw, man of non-binair te zijn is genderidentiteit.

Voor ons is het belangrijk dat ons kind in alle vrijheid kan ontdekken wie hen is, zonder dat wij alvast een keuze voor hen maken. Zodra hen zelf duidelijk maakt dat hen een jongen, meisje of iets anders is, of een voorkeur heeft voor bepaalde voornaamwoorden, zullen we dat overnemen. Bij andere kinderen die op deze manier worden opgevoed zien we dat ze meestal vóór hun vierde jaar wel weten wat hun genderidentiteit is.

Reden 2: Vrijheid van gendernormen

Er is ook nog een andere reden dat we deze keuze hebben gemaakt. Die reden is, dat onze cultuur kinderen wel heel erg voorschrijft hoe ze moeten zijn, enkel en alleen op grond van hun veronderstelde geslacht. In speelgoedwinkels zijn er vaak bijvoorbeeld twee afdelingen, alsof je anatomie of je genderidentiteit bepaalt wat voor speelgoed je leuk vindt om mee te spelen. Ook blijkt uit onderzoek dat de meeste mensen onbewust anders reageren op kinderen wanneer ze denken dat het een meisje is, dan wanneer ze veronderstellen dat het een jongetje is. Als een baby roze kleertjes aanheeft wordt het bijvoorbeeld sneller getroost, heeft dezelfde baby blauwe kleertjes aan, dan moeten ze langer huilen voordat ze worden opgepakt – terwijl het om precies dezelfde baby gaat. Dat doen volwassenen niet expres en niet bewust. We zijn gewoon van jongs af aan zo doordrenkt met onbewuste ideeën over hoe jongens en meisjes zijn, dat het heel moeilijk is om dat los te laten.

Door ons kind – zolang hen er zelf nog geen mening over heeft – alle soorten kleertjes aan te doen en het alle soorten speelgoed aan te bieden, hopen we dat we hen de vrijheid geven om zich te ontwikkelen op een manier die echt bij hen past.

Wat verwachten we van jullie?

Wij zijn natuurlijk de primaire opvoeders van ons kind, maar ook jullie gaan met ons kind te maken krijgen. We stellen het daarom op prijs als je op de volgende dingen wilt letten:

  • Noem ons kind niet “jongen” of “meisje”, maar “kindje”.
  • Probeer om Toby-Lova’s gedrag niet te interpreteren op grond van hun anatomie.
  • Vraag ons niet naar de anatomie van Toby-Lova. Laat het aan ons om het ter sprake te brengen als het ertoe doet (bijvoorbeeld als we het over luiers verschonen hebben).
  • Als je op de hoogte bent van de anatomie van ons kind, vinden we het fijn als je dit voor je houdt. We willen niet per se geheimzinnig erover doen, maar we merken dat sommige mensen er alles aan doen om erachter te komen “wat hen ‘eigenlijk’ is”, en daarom de mensen die hun luiers wel eens verschonen daarover lastig gaan vallen. Wimpel ze gewoon af door te zeggen dat het privé is.
  • Wanneer je het met Toby-Lova over lichaamsdelen hebt, verbind deze dan niet aan gender (en andersom).
  • We vinden het fantastisch als je, net als wij, genderneutrale voornaamwoorden wil gebruiken voor het kind.

Wat zijn genderneutrale voornaamwoorden?

In onze taal waren er tot voor kort maar twee manieren om naar een persoon te verwijzen: met hij/hem/zijn of met zij/haar/haar. Sinds een paar jaar zijn daar een nieuwe, genderneutrale voornaamwoorden bij gekomen: hen/hun en die/diens. Wij gebruiken zelf vooral hen/hun, maar die/diens vinden we ook prima.

Een paar voorbeeldzinnen:

Noah’s favoriete knuffel is een beer. Hen neemt hun beer overal mee naartoe.

Robin is bang in het donker. Daarom heeft die een nachtlampje. Dat nachtlampje stelt die gerust als die midden in de nacht wakker wordt. Robin is erg blij met diens nachtlampje.

Het is even wennen om deze nieuwe voornaamwoorden te gebruiken, maar oefening baart kunst. We zouden het fantastisch vinden als je wil proberen deze voornaamwoorden voor ons kind te gebruiken.

In het begin voelt het misschien onnatuurlijk om deze nieuwe woorden te gebruiken maar dat gevoel ebt vanzelf weg. We leren tenslotte wel vaker nieuwe woorden! Het kan helpen om een beetje te oefenen, bijvoorbeeld door thuis genderneutrale voornaamwoorden te gebruiken voor je huisdier 😉

Af en toe een foutje maken vinden we heel normaal en is niets om je voor te schamen. Daar hoef je je ook niet uitgebreid voor te verontschuldigen, corrigeer jezelf gewoon en ga dan verder met wat je wilde zeggen.

Gaan we vertellen wat voor anatomie ons kind heeft?

We willen daar geen geheim van maken, maar vinden het geen heel belangrijke informatie. Het zegt vooralsnog alleen iets over de manier waarop ons kind plast. Over het geslacht zegt het in elk geval niets. Dat gezegd hebbende merken we wel dat zodra mensen weten wat de anatomie van ons kind is, ze het gelijk veel moeilijker vinden om hen neutraal te benaderen. Ook zijn er helaas mensen die koste wat kost erachter willen komen wat Toby-Lova ‘eigenlijk’ is, terwijl het punt nou juist is dat we dat nog niet weten! Daarom zijn we toch wat terughoudend in het delen van informatie over hun anatomie, gewoon omdat het zo fijn is als mensen het nog volledig open houden.

Maar maak je geen zorgen, als je de luiers van ons kind gaat verschonen hoef je dat niet geblinddoekt te doen 😉 We vertrouwen er op dat je ]vertrouwelijk omgaat met deze informatie. Een uitzondering maken we voor jonge kinderen, en dus ook voor Toby-Lova zelf. Want we vinden het belangrijk dat kinderen geen dingen geheim hoeven te houden.

Hoe leg ik aan andere kinderen uit dat Toby-Lova nog geen jongetje of meisje is?

Toby-Lova is zelf nog niet op de leeftijd dat hen interesse heeft in of nieuwsgierig is naar gender of naar geslachtsdelen, maar oudere kindjes zijn dat vaak wel. Zij zullen zich misschien afvragen waarom we andere voornaamwoorden gebruiken voor Toby-Lova. Of ze kijken mee bij het luier verschonen en trekken dan bepaalde conclusies over Toby-Lova’s gender.

Het is fijn als je ze dan uit kunt leggen dat jongetje of meisje zijn niet tussen je benen zit, maar “in je hoofd”, dat het iets is wat je van binnen voelt. Dat zal soms lastig zijn, omdat veel kinderen hebben geleerd om anatomie aan gender te verbinden. Het zal dan even een zoektocht zijn om uit te leggen dat hoewel veel mensen dat denken, het toch niet helemaal waar is.

We hebben zelf nog niet zoveel ervaring in het hierover praten met kindjes die wat ouder zijn dan Toby-Lova. Dit betekent dat het echt een kwestie is van samen ontdekken en uitproberen wat wel en niet werkt. We hopen dat jullie dit samen met ons willen gaan ontdekken.

Vinden we jullie ouderwets, of slechte ouders, als jullie je kind niét op deze manier opvoeden?

Nee hoor! We beseffen heel goed dat wij iets heel nieuws aan het doen zijn, dat we aan het pionieren zijn. Bovendien vinden we het heel belangrijk om te respecteren dat iedereen hun kind opvoedt op de manier die bij hen als ouders past. Als jij andere ideeën hebt over geslacht, er nog nooit zo over na hebt gedacht, of het niet ziet zitten je kind zo anders op te voeden dan gebruikelijk is, dan hebben we daar alle begrip voor.

Mag het kind dan geen jongen of meisje zijn?

Jawel, absoluut wel! Kinderen ontwikkelen ergens tussen de leeftijd van anderhalf en drie jaar hun genderidentiteit, en bij andere kinderen die genderautonoom worden opgevoed zien we dat zij meestal wel vóór hun vierde kunnen vertellen wat hun genderidentiteit is. Wel is genderidentiteit op zo’n jonge leeftijd vaak nog wat meer fluïde, en dus kan het ook nog wel een paar keer veranderen. Zodra ons kind aan ons vertelt of hen een jongen, meisje of iets anders is, nemen wij dat over.

Mag het kind alleen met genderneutraal speelgoed spelen?

Nee hoor. We willen juist zo divers mogelijke speelgoed en kleding aanbieden, zodat Toby-Lova zelf kan ontdekken wat hen leuk vindt.

Wel we letten er op dat we geen boekjes met veel genderstereotypes aanbieden, of lezen we dat soort boekjes ‘creatief’ voor. Als we voorlezen over opa en oma Pluis bijvoorbeeld, is het bij ons altijd oma die graag timmert en opa die graag breit.

En draagt Toby-Lova dan alleen genderneutrale kleertjes?

Nee, ook dat niet. Toby-Lova draagt allerlei soorten kleertjes (behalve kleertjes waar bijvoorbeeld letterlijk ‘boy’ of ‘girl’ op staat). Hen draagt dus zowel jurkjes en rokjes als broekjes, en kleertjes in alle kleuren van de regenboog. We houden van kleertjes die lekker kleurrijk zijn en proberen een beetje af te wisselen qua ‘femme’, ‘masc’ en ‘neutraal’. Als hen wat ouder is, zullen we hen zelf laten kiezen wat hen wil dragen – vooralsnog heeft hen er nog niet echt een mening over.

Beïnvloeden we hiermee niet de genderidentiteit van ons kind?

We verwachten van niet. Anders zouden er immers geen transgender kinderen bestaan. Kennelijk is het gevoel jongen, meisje of iets anders te zijn zó sterk, dat maatschappelijke verwachtingen daar geen invloed op hebben. Wél bepalen de verwachtingen uit de omgeving of een kind zich wel of niet vrij voelt om te vertellen wie hen is, en zich te gedragen zoals bij hen past. Ons doel is juist om ons kind zoveel mogelijk vrijheid te geven te zijn wie hen is.

Zijn we niet bang dat ons kind hiermee gepest gaat worden?

Tja, een beetje wel. We hebben allebei ervaring met gepest worden en dat is niet niks. Maar we hebben er ook vertrouwen in dat we hier als ouders invloed op hebben.

Pesten is geen automatisch gevolg van het anders-zijn van een kind. Kinderen zijn niet “van nature” wreed of gemeen, maar worden dat als ze in een onveilige sociale omgeving zitten en hun spanning afreageren op een zondebok. Dat staat goed uitgelegd in het boek “Alles over pesten” door Mieke van Stigt en in deze column van haar – leestip! We gaan dan ook ons best doen om sociaal veilige omgevingen voor ons kind uit te zoeken.

Meer weten?

Over genderautonoom opvoeden zoals wij het (ongeveer) willen doen:

(Engels) YouTube filmpje Raising Grey

(Engels) TIME Magazine, I Let My Child Create Their Own Gender Identity. The Experience Has Been a Gift for Us Both

(Engels) Boek “Raising Them: Our Adventure in Gender Creative Parenting”, door Kyl Myers

Niet helemaal zoals wij het willen doen, maar wel interessant:

RTL Nieuws, Je kind opvoeden zonder genderstereotypen
(In het filmpje zegt Steven Pont dat het slecht is voor een kind om hun geslacht geheim te moeten houden. Beetje vreemde opmerking want dat is uiteraard niet de bedoeling, ook niet van de geïnterviewde ouders!)

Algemeen over gender en kinderen:

Asha ten Broeke, “Lichamen en identiteit”

TV-programma No More Boys & Girls

Genderneutrale voornaamwoorden:

HP/De Tijd, Waarom ‘hen’ een genderneutraal verwijswoord moet worden

Hele handige blogpost: Tips on training yourself to change pronouns for someone you care about (or anyone really)

So your friend came out as non-binary: here’s how to use pronouns they/them